In 2014 liep ik van Wateringen in Nederland (in het Westland) naar Fisterra in Spanje (ten westen van Santiago de Compostela).
Daarna besloot ik om niet terug te keren naar Nederland, maar verder te zwerven. Onderweg werk ik om in mijn onderhoud te voorzien, en ik heb inmiddels een kleine caravan om in te wonen.
Op dit moment werk ik als vertaler Frans-Nederlands in de buurt van Nantes in Frankrijk.

Emmaus Nederland

En wéér gaat de toekomst op de schop

Mijn bliksembezoek aan Vlaardingen en Schiedam zou nog een mooi staartje hebben, schreef ik van de week. Nou, wat dacht je hier bijvoorbeeld van…?

Het plan was om, onderweg van Avignon naar Vlaardingen, drie keer te overnachten: de eerste keer in Rodez bij Emmaüs, om de collega’s even gedag te zeggen en direct ook mijn caravan in de tuin te zetten bij Claude; de tweede keer bij Emmaüs in Bourges, waar collega ‘le petit Robert‘ heen gegaan was (ik was zelf ‘le grand Robert‘); en de derde keer in het noorden van Frankrijk, waar collega ‘le gros‘ bij een Emmaüs zou zitten. Maar in Rodez hoorde ik dat le petit Robert zich inmiddels bij Cyrille (‘le gros‘) bij Emmaüs Touraine had gevoegd. Waardoor 2 overnachtingen samengevoegd werden tot 1 overnachting.
Voor het geval je het nog niet doorhebt, trouwens: ik ben dit verhaaltje een beetje aan het rekken, om de spanning erin te houden…

En dus duurde mijn reis een dag korter dan gepland. Ik had natuurlijk een nachtje extra in Rodez kunnen blijven. Of in Touraine. Of Jeroen en Leoni bellen of ik een dagje eerder mocht aankomen.
Maar ik zag hierin een leuke kans om kennis te maken met Emmaus in Nederland (in Nederland is het zonder trema op de ‘u’). En dus zocht ik het adres op van Emmaus in Breda en reed ik daarheen, om te zien of er in Nederland, net als in Frankrijk, altijd een bed klaarstaat voor wie aanklopt.

Bij Emmaus in Breda trof ik de deur dicht en het licht uit. Maar op het moment dat ik de deur van de auto weer open deed om bij de kachel en de radio met mezelf de discussie te voeren of ik een goedkoop hotelletje zou zoeken of toch Jeroen en Lee zou bellen, kwam er een man uit het huis naast de Emmaus-winkel om het Emmaus-hek te open te doen en in de Emmaus-auto te stappen. (Eigenlijk weet ik niet of het een Emmaus-auto was, maar ik vond die zin zo grappig klinken.)
Uiteraard gooide ik mijn autodeur direct weer dicht, en schoot ik de man aan. De man vertelde me dat er hier sowieso geen bed klaar zou staan, maar dat ik dan bij Emmaus in Langeweg moest zijn. Maar dat ik dan wel moest wachten tot dinsdag, omdat de mensen in Langeweg nu van hun welverdiende weekend genoten.

Ja, m’n kont!
Ik had nu de naam Langeweg gehoord, en dus zocht ik het adres van Emmaus Langeweg op, en reed ik erheen; Langeweg ligt vlakbij Breda. In Langeweg trof ik de deur open, en dus ging ik naar binnen, waar ik uiteindelijk op de verdieping opgevangen werd door een bewoner. Deze bewoner wist niet zo heel goed wat hij moest met mijn vraag om een bed, en bood me dus een kop koffie en een koekje (zo Hollands) aan, en belde de coördinator, zoals de responsable in Nederland blijkbaar genoemd wordt.
In de keuken wachtend op deze coördinator las ik op het prikbord een memo van Emmaus Nederland, waarin stond dat er bij Emmaus in Nederland een tekort is aan managers. ( ← Mmmhh… Hier lijken we in de buurt te komen van de kern van dit verhaaltje, denk je ook niet…?)

De coördinator kwam, en verzekerde me dat hij me uiteraard niet op straat zou zetten. In het ergste geval kon ik op de bank in de woonkamer, maar bij nader onderzoek bleek de passantenkamer vrij. Omdat ik nog niet aan eten toegekomen was — om dit verhaaltje lekker kort te houden (…) heb ik niet verteld over mijn strubbelingen om in het zuiden van België te tanken — was er bovendien ook lasagne voor me.
Toen de formaliteiten afgerond waren, vroeg ik terloops naar de memo op het prikbord. Wat het begin was van een gesprek dat ermee eindigde dat ik Fred mijn visitekaartje gaf. En dat een vervolg kreeg toen hij me 2 dagen later mailde met de vraag in ieder geval alvast mijn CV en een motivatiebrief te sturen, en na te denken over een moment om weer naar Nederland te komen, want deze week kon hij helaas echt geen tijd vrijmaken om nader kennis te maken.

Het plan was eigenlijk om op zondag de terugreis naar Frankrijk te aanvaarden, maar ik besloot Fred te vragen of hij maandag misschien wel tijd zou hebben; als ik dan bijvoorbeeld van zondag op maandag weer bij Emmaus Langeweg zou kunnen slapen, zouden we maandag met elkaar kunnen praten. Maandag kon hij wel, maar dan alleen ‘s avonds; ik kon dan eventueel wel van maandag op dinsdag in Langeweg slapen. Ik vond de investering van een goedkope AirBnB voor de nacht van zondag op maandag gerechtvaardigd.
Maandagavond hebben Fred en ik een paar uur gesproken, en we hebben besloten dat ik bij een aantal Emmaus-vestigingen in Nederland een soort van stage ga lopen, steeds 2 weken tot een maand, en dat we dan samen besluiten bij welke van de 3 vestigingen die op zoek zijn naar een manager, ik ga beginnen.
Vandaag tussen de middag (ik ben nu weer in Rodez, waar ik vandaag als vrijwilliger heb geholpen met de ‘Grande Vente de Noël‘) had ik een mail van Fred: er zijn voorlopig al 4 Emmaus-vestigingen waar ik welkom ben.

En dus rijd ik deze week weer naar Nederland, waar ik in Langeweg de caravan stal, om dan eind deze week te beginnen bij Emmaus Parkwijk (Utrecht) tot ergens begin januari. Vervolgens ga ik dan ook nog naar Emmaus Haarzuilens (ook Utrecht) en Emmaus Tegelen, om uiteindelijk weer in Langeweg terecht te komen, waar ik ook nog zal meelopen. En wellicht volgen er nog meer.
De stage zal ik doen op dezelfde basis als ik tot nu toe gewend ben bij Emmaus: kost en inwoning, en zakgeld; maar uiteraard zal het werk wel verschillen. En als ik dan ‘voor het echie’ begin, zal ik gewoon salaris krijgen. Het salaris van de leidinggevenden in Nederland ligt overigens lang niet zo hoog als in Frankrijk, maar dat boeit me verrassend weinig: het is het werk waar het me om gaat.

Ik ben op een haar na volledig geïnstalleerd in Frankrijk. En dus pak ik mijn boeltje weer op om het in Nederland te gaan proberen.
En als het in Nederland onverhoopt niet lukt, moet ik in Frankrijk weer een heleboel zaken opnieuw in gang zetten.
Dus ik kan maar beter zorgen dat het in Nederland allemaal lukt. En als ik dan straks een salaris heb, ga ik op zoek naar een leuk bouwvalletje in Frankrijk dat ik gedurende de komende 15 jaar in de vakanties kan opknappen voor later.
Klinkt goed.

2 comments to En wéér gaat de toekomst op de schop

  • Lekker bezig :good: Met je Franse :car: :caravan: naar Nederland, dat kunnen weinig mensen zeggen dat ze dat meegemaakt hebben.
    Maar ja, het lijstje aparte ervaringen heb je zowieso inmiddels aardig aangevuld.

    • Rob

      Hou op, schei uit. Ik zou weleens een gewone ervaring willen…
      (Dat is trouwens eigenlijk helemaal niet waar. ;-) )